Toets "Enter" om naar de inhoud te gaan

De kleine tuin van Hanneke

Veel van de tuinen op ons complex hebben een grootte van tussen de 100 en 300 m2. Maar er zijn ook een paar tuinen die beduidend kleiner zijn. Hanneke’s tuin is 50 m2. De helft kleiner dan haar vorige tuin en een bewuste keuze wegens gebrek aan tijd. Maar die keuze riep natuurlijk wel de vraag op of je op zo’n klein oppervlak toch veel verschillende dingen kunt verbouwen. Dat viel gelukkig reuze mee. Een klein gedeelte van de tuin is in gebruik voor de tuinkist en voor een koude bak. Maar dan blijkt er nog genoeg ruimte over te blijven voor zowel groenten en fruit als voor bloemen. Haar vriezer puilt ervan uit!

Fruit

Voorin de tuin staat een zelfbestuivende appelboom (Benoni). Aan één lange kant van de tuin staan een druif en twee soorten frambozenstruiken: Fallgold met gele vruchten en Polka met rode.  Door deze twee soorten te combineren, kun je het plukseizoen verlengen. Achterin de tuin staat een rode bes op stam, de Jonkheer van Tets. Door waar mogelijk te kiezen voor fruit op stam, heb je ruimte voor onderbeplanting. Zo kun je je kleine tuin optimaal benutten.

Groenten

Dit jaar koos Hanneke voor stamsnijbonen, -sperziebonen en -erwten. Deze peulvruchten blijven laag, zodat je geen staken hoeft op te zetten. Verder koos ze voor  rode melde of tuinmelde, patisson, worteltjes, snackkomkommers, prei, bloemkool en broccoli; nu deze grotendeels geoogst zijn, heeft ze spruitjes gezet.

Bloemen

Naast al dit eetbare vind je in de Hanneke’s tuin ook nog allerlei bloemen, zoals rozen, alstroemeria, gladiolen, hoge afrikanen, zonnebloemen en een bloemenmengsel met onder andere slaapmutsjes.

Royale oogst

Hoewel veel mensen verwachtten dat de langdurige droogte roet in het eten zou strooien, heeft Hanneke deze zomer een enorme hoeveelheid kunnen oogsten. Kijk hieronder maar eens naar de oogst van één dag!

Tips van Hanneke

  1. Bedenk van tevoren of je veel wilt oogsten van slechts een paar gewassen of wat minder van zoveel mogelijk verschillende. Dat bepaalt hoeveel rijtjes je moet inzaaien. Als je twee patissonplanten hebt, is daarmee al een heel bed gevuld en ze leveren samen tientallen vruchten op. Hetzelfde geldt voor ‘snack’komkommers.
  2. Het is leuk om ook wat andere dingen te telen dan collega-tuiniers; dan heb je wat om van je overvloed te ruilen met hen.
  3. Veel vruchten worden er niet beter op als ze te groot worden, maar snackkomkommers mogen gerust nog even doorgroeien. Ze zijn zijn dan nog heel sappig en smaakvol.
  4. In het begin van de oogsttijd van frambozen kun je nog niet zo veel plukken. Je kunt ze natuurlijk zo opeten, maar je kunt ze ook invriezen tot je er zoveel hebt dat er bijvoorbeeld jam van kunt maken.
  5. Probeer zoveel mogelijk te mulchen, zoals met bladafval. Als je dat rond je gewassen legt, droogt de grond minder snel uit – heel handig in droge tijden. Bovendien helpt het onkruid voorkomen.
  6. Als je toch onkruid hebt, kun je het samen met ander afval waarmee je niet mulcht, composteren in bijvoorbeeld zwarte afvalzakken. Dit werkt het beste als de zon erop kan staan. Na een paar warmere weken kun je al compost hebben.